Voeding vogels

Voeding

  • Aangepaste voeding:

Vogels die in de vrije natuur leven, kunnen hun kost zelf wel bij elkaar zoeken. Afhankelijk van het seizoen en van wat voorhanden is, kunnen ze zelf bepalen wat ze nodig hebben. De vogels die wij in onze volièren of kweekkooien houden hebben deze dergelijke keuze niet. Zij zijn volledig afhankelijk van wat wij aan onze vogels te eten aanbieden. Daarom is het ook van groot belang dat we aan onze vogels goede voeding geven, want er zijn ook bepaalde producten die schadelijk zijn voor de vogels. Zo is het bijvoorbeeld dat avocado's voor papegaaiachtigen en kanaries zeer giftig zijn. Toch eten de meeste vogels van deze vrucht als men het aanbied, met destraseuse gevolgen van dien. Veel vogels hebben een voorkeur voor vet- en eiwitrijk voedsel en wanneer we ze hiervan onbeperkt laten eten, vervetten ze snel, zeker als dit gepaard gaat met matige lichaamsbeweging. Daarom is het beter dat we ze een voeding geven dat zo dicht mogelijk bij de natuurlijk voedingsbehoefde ligt. Men moet daarbij rekening houden met de leefomstandigheden van de vogels. Als men enkele vogels binnenshuis in een kooi houd, dan hebben deze vogels minder vet en eiwit nodig dan hun vrienden die s'winters in een buitenvolière zitten.

  • Voeding tijdens de kweekperiode:

Tijdens de kweekperiode hebben vogels een iets andere voedselbehoefde. Sommige hoofdzakelijke zaadetende vogels brengen hun jongen groot op louter insecten, die dan ook in voldoende mate aanwezig moeten zijn. Ook eivoer heeft zijn waarde bewezen. Eivoer is een ideale aanvulling op het menu van veel zaadetende vogels tijden de kweekperiode. Veel problemen die de vogelliefhebbers kunnen ondervinden, zijn direct of indirect te wijten aan een verkeerde voeding. Dit kan overvloedige voeding zijn, maar het kan ook zijn dat ze een bepaald bestanddeel, die voor bepaalde vogelsoorten belangrijk zijn, niet verstrekt worden. Eén van de problemen die zich kunnen voordoen, zijn onder meer het niet uitkomen van de eieren, slechte broedzorg door de ouders, het snel opnieuw beginnen met een nieuw broedsel terwijl de jongen van het vorig legsel nog niet zelfstandig zijn, sterfte bij de jongen en het compleet uitblijven van de kweekresultaten. Vaak gebeuren de voedingsfouten al voor ze gaan broeden. Wanneer de kweekvogels geen goede basis hebben gekregen, gaan ze in matige conditie de kweek aanvatten. Men mag ook niet vergeten om de ouderkoppels een beetje extra voedingsstoffen te geven, want ze hebben toch veel krachten verloren tijdens de kweek. Dus men mag toch het belang van goede voeding niet onderschatten.

  • Natuurproduct:

De diverse vogelzaden komen veel uit verschillende landen. De meeste van onze zaden zijn afkomstig van landen die ten zuiden van de evenaar liggen. Zaden zijn natuurproducten en de kwaliteiten ervan is onderhevig aan weersinvloeden. Zo kan hevige regenval of droogte een grote invloed op de ontwikkeling van de planten en hun zaden hebben, zodat de kwaliteit niet altijd hetzelfde is. Hier hebben de fabrikanten geen enkele invloed op. Deze kunnen alleen maar trachten zaden te kopen die kwalitatief goed zijn. Voordat onze zaden in de winkel komen hebben deze al een heel traject afgelegd. Zo worden onze zaden eerst gezeefd, nadien worden deze schoon gemaakt en nadien worden ze in de gewenste samenstelling verwerkt. Zaden zijn levende producten. Onder bepaalde omstandigheden, zoals bv. bij hogere temperaturen en een hoge luchtvochtigheid, is een zaadmengsel onderheven aan bederf en kan het gaan schimmelen. Het is dan ook aan te raden dat we ons eten in donkere en droge ruimten bewaren. Wanneer men niet veel vogeltjes heeft is het misschien beter om de zaadmengelingen in kleinere verpakkingen aan te kopen. Als we ons voer te lang laten liggen verliest deze van zijn kwaliteit en kan deze ook bederven. Behalve de zaadeters kennen we natuurlijk ook nog de insecten en vruchteneters. Voor deze vogels zijn er natuurlijk speciale mengelingen waarins meer gedroogte insecten, maar ook gedroogte vruchten en bessen zitten. Ook voor deze mengelingen geldt op droge, koele en zo donker mogelijke plaatsen te bewaren.

  • Zaadeters:

De grootste groep kooi- en volièrevogels bestaan uit zaadeters.Deze vogels leven vooral van zaden, maar eten daarnaast ook nog graag fruit, insecten, eivoer en groenvoer. Fruit en groenvoer bevatten belangrijke voedingsstoffen voor de vogels. We moeten wel zien dat we er niet te veel van geven, want dat brengt ook problemen met zich mee zoals diarree. Tijdens de kweekperiode zullen de zaadeters hun jongen zo af en toe insecten en eivoer verschaffen. Om ervoor de zorgen dat onze vogels dit allemaal aan hun jongen zouden verstrekken is het bestedat we voor de kweek al beginnen met hun dit te geven. Wat telt voor fruit en groenvoer telt ook voor eivoer. Dit wil zeggen dat we ook eivoer met mate moeten geven. De vogels moeten in hoofdzaak hun zaadmengsel opnemen en kunnen wat groenvoer, insecten en eivoer opnemen om eventuele tekorten aan te vullen.

Verschillende zaadmengelingen:

  • Kanarie:

Kanariezaad met v.a.m

Kanariezaad

  • Exoten:

Exotenmengeling

Exotenmengeling met v.a.m

  • Grote parkieten:

Grote parkietenmengeling

Grote parkietenmengeling met v.a.m

  • Volière & vinken:

Volièremengeling

Vinkenmengeling met v.a.m

  • Neophema en wilde zaden:

Neophema mengeling

Wilde onkruidzaden

  • Paddy:

Paddy

V.A.M = Vitaminen, Aminozuren en Mineralen

  • Maagkiezel en grit:

Zaadetende vogels hebben een bijzonder spijsverteringsstelsel. In de spiermaag wordt het zaad fijn gemaakt, zodat het eenvoudiger voor de vogel te verteren is. Hiervoor heeft de vogel scherpe maagkiezel nodig. Is er geen scherpe maagkiezel in de maagspier aanwezig, dan kan de vogel het zaad niet fijn maken. Scherpe kiezel blijft niet altijd in de spiermaag zitten. In de loop van tijd slijten de scherpe kantjes van de kiezel en wordt de kiezel door de vogel uitgescheiden. De vogel neemt dan opnieuw scherpe kiezel op om dit tekort aan te vullen. Men moet er dus voor zorgen dat de vogels altijd kunnen beschikken over maagkiezel. Een gritmengsel heeft als voordeel dat het ook verteerbaar grit en onder meer houtskool bevat. Zo'n gritmensel heeft dan ook altijd de voorkeur. De vogels kunnen zelf uit de bestanddelen de stof kiezen die ze nodig hebben. Het spreekt dan ook vanzelf als men een mengsel aankoopt, dat het op de grote van de vogel afgestemd is. Zo zijn mengsels voor exoten fijner dan die voor papegaaien.

  • Fruit, groenten, bessen en onkruiden:

Groenvoer in welke vorm dan ook wordt door de vogels goed opgenomen. Voor sommige vogels is het een essentieel bestandsdeel van hun dagelijks eten en voor andere is het een aanvulling. Groenvoer is iets wat we zelf kunnen verzamelen in de natuur. Er zijn wel een paar nadelen zoals vervuild door neerslag van de industrie, uitlaatgassen en bestrijdingsmiddelen. Daarom zijn er liefhebbers die vaak hun kruiden zelf kweken in hun tuin of op hun balkon, zorg er wel voor dat het van goede kwaliteit is. Als men groenvoer aan de vogels heeft moet men er ook voor zorgen dat het niet rot of beschimmeld is. Ook als het blijft liggen, haal het er dan nog dezelfde dag uit uw volière. Als men fruit aan de vogels wilt geven, moeten we er wel voor zorgen dat deze goed gewassen zijn en geven we die in kleine porties.

Voorbeelden van geschikte groenten en fruit:

De volgende groente- en fruitsoorten zijn geschikt: zoete appelsoorten, peer, banaan, druif, sinaasappel, mandarijn, papaya, dadel, vijg, abrikozen (gedroogd of vers), ananas, gedroogde rozijnen en krenten, wortel, tomaat, maïskolven, selderij (in kleine hoeveelheden)

Wat we vooral niet aan de vogels moeten geven zijn avocado's, want deze vruchten zijn voor veel vogels giftig!!!

Voorbeelden van geschikte bessen:

De volgende soorten bessen zijn geschikt voor de vogels: braambessen, framboos, de bessen van de vuurdoorn, vlierbes, berberisbessen, lijsterbes, rozenbottels, de bessen van de meidoorn