Verzorging vogels

Verzorging

  • Hygiëne:

Een van de belangrijkste zaken bij het houden en kweken van vogels is hygiëne. Daarom moeten we zorgen dat we onze kooien of volièren regelmatig schoonmaken. Hoe vaak we dit moeten doen is afhankelijk van de grootte van de kooi of volière, de hoeveelheid vogels die hierin gehuisvest zijn, het seizoen en de mate van vervuiling die er optreedt. Om de kosten te besparen zijn er liefhebbers die hun bodembedekking zeven, zodat de zichtbare ontlasting verwijderd wordt. Het probleem bij het zeven is dat wel de zichtbare ontlasting weg is, maar de onzichtbare ontlasting is niet verwijderd en daardoor blijft men met besmettingsgevaar zitten. Daarom is het beter dat men de bodembedekking van de kooi, volière of nachthok helemaal verwijderd en venvangt door een hele nieuwe laag. Welke soort bodembedekking men gebruik, hangt af van de soort vogels die u houdt. De bekendste en meestgebruikte soort bedekking is schelpenzand, maar ook houtsnippers en schoon rivierzand en zelfs kiezels worden soms als ondergrond gebruikt.

  • Soorten zand:

Schelpenzand

Eucalyptus-zand

Persoonlijk gebruik ik beide en meng ik mijn schelpenzand met eucalyptus-zand

  • Vogelzand met eucalyptus:

Eucalytus is een natuurlijk afweermiddel, tegen insecten en bacteriën, tevens luchtwegverruimend en antiseptisch. Door Eucalyptus-zand te gebruiken doet men aan natuurlijke preventie. Dankzij de unieke samenstelling zorgt Eucalyptus-zand daarnaast voor een aangename geur in het vogelverblijf. Dit product is onschaddelijk voor zowel mens als dier.

Wat we ook regelmatig moeten doen is het ontsmetten van wanden en vloer van de kooien en de volièren. We moeten ook regelmatig onze zitstokken, voederbakjes en waterbadjes schoonmaken met eventueel een desinfecterend middel in ons water. Hoe hygiënischer men te werk gaat, hoe kleiner het risico op problemen met onze vogels.

  • Verzorging van de nagels:

Soms kunnen de nagels van onze vogels te lang worden, zeker wanneer onze zitstokken te dun of te glad zijn. Sommige vogelsoorten hebben aanleg om snel te lange nagels te ontwikkelen, zoals verschillende afrikaanse prachtvinken. Behalve dat te lange nagels erg lastig kunnen zijn, kunnen ze ook leiden tot vergroeiingen aan de tenen en poten veroorzaken. Het is daarom ook aan te raden om de nagels van onze vogels op regelmatige tijdstippen te controleren en eventueel een beetje korter te knippen wanneer het nodig is. Wanneer men dit voor de eerste keer doet, kan dit een akelig klusje zijn. Men moet er wel rekening mee houden dat we juist de nagelpunten kort knippen. Als we de nagels te ver knippen of in kort, kan dit een een pijnlijke en traumatische ervaring voor de vogel zijn. Als men al regelmatig eens de nagels van de vogels geknipt heeft, dan wordt dit een routineklus. Wanneer men er tegenop ziet om dat te doen, kan men het altijd aan iemand anders vragen.

  • Ontwormen:

Vrijwel alle vogels kunnen wormen krijgen, maar wormen komen het meest voor bij papegaaiachtigen, vooral bij de Australische soorten zoals neophema's. Daarom is een (half-)jaarlijkse ontwormingskuur bij de risicogroep en ook bij de gezelschapsvogels waar we niet mee kweken is dit geen overbodige luxe. Als men dit moeilijk vind kan men het aan iemand anders vragen, zoals aan de dierenarts. Bij de dierenarts kan het zijn dat men een vloeibaar middel krijgt dat men in het water van de vogels moet doen. Het kan zijn als men bij de apotheker gaat dat men ook wel een middel krijgt om de vogels te ontwormen.

  • Badwater:

De luchtvochtigheid in de omgeving waar veel kooi- en volièrevogels vandaan komen, is veel hoger dan wij ze kunnen bieden. Vrijwel alle vogels hebben er daarom behoefde aan om zo nu en dan eens een bad te nemen. Voor sommige vogels is een dagelijks bad kunnen nemen een voorwaarde om in goede conditie te blijven. Men moet het badwater wel dagelijks verversen, ook al lijkt het dat het niet vervuild is. Als we nu een vogel hebben die dagelijks een bad nodig heeft om in conditie te blijven en die wil zich niet wassen in een badhuisje of een schaal, dan moeten we hem regelmatig besproeien met een plantenspuit op nevelstand. Doe dit overigens alleen bij behaaglijke temperaturen, om te voorkomen dat de vogel ziek wordt.

  • Rui:

Een volwassen vogel ruit maar één keer per jaar. Is een vogel vaker of erg lang in de rui, dan kan er sprake zijn van verkeerde voeding, stress of factoren zoals plotselinge temperatuurs veranderingen of ziekte. Deze periode is voor vrijwel alle vogels een kritische periode die erg veel vergt van het gestel van de vogel. Vogels die normaal zingen, zullen tijdens de rui niet veel van zich laten horen en de meeste vogels zijn ook minder actief dan dat ze normaal zijn. Men kan bij de dierenspeciaalzaken al middelen kopen om de vogels de rui goed door te komen.

  • Zieke vogels:

Wanneer men zijn vogels goed kent, kunt u aan hun gedrag en uiterlijk zien of ze zich goed voelen. Een gezonde vogel heeft een glad aanliggend verenpak en is actief. Afwijken gedrag zoals zich terugtrekken, apathie, stereotiepe bewegingen, verenpikken en algemene onrust kunnen wijzen op een probleem. Eén van de eerste dingen waaraan men kan zien dat de vogel zich niet lekker voelt is als hij dik zit. Deze algemeen bekende term betekend dat de vogel zijn veren opzet en een lusteloze indruk maakt. Veel vogels nemen deze houding aan als de omgevingstemperatuur te laag voor ze is. Door hun veren op te zetten houden ze een beetje lichaamswarmte in de ruimte tussen de veren vast. Verhoging van temperatuur geeft in zo'n geval verbetering. Andere symptomen waaren we kunnen merken dat er iets mis is met de vogels zijn onder meer een afwijkende ademhaling, het "happen" naar lucht, niet soorttypische dunne ontlasting, weinig of geen voedselopname, kale plekken, slecht in de bevedering zitten, overmatige rui, woekeringen op de snavel, poten en rond de ogen, gedeeltelijke of algehele velamming, uitvloeiing uit de neus of ogen en zwellingen. Indien u vermoedt dat er iets met uw vogel aan de hand is, wacht dan niet af tot het te laat is om maatregelen te treffen. Als men een andere liefhebber kent, kan men het altijd aan die persoon vragen. Misschien kent hij of iemand anders het probleem en kunnen ze u er wel mee helpen. Als men niemand kent of weet, kan men ook altijd bij een dierenarts terecht. Welllicht kan een staal van de ontlasting een uitsluitsel geven en anders nemen ze een bloedstaal of onderzoeken ze de aangetaste vogel om de oorzaak van het probleem te achterhalen. Als ze weten wat het probleem is kunnen ze dan ook direct zeggen wat we er kunnen aan doen of geven om de vogel terug gezond te krijgen.