Huisvesting vogels

Huisvesting

  • Een volière:

Het huisvesten van vogels in een buitenvolière heeft toch een aantal woordelen. Het is een natuurlijke manier van huis-vesting die wat schuwere soorten zullen aanspreken. Bij een volière hebben we de mogelijkheid om deze te beplanten, ook heeft de inwerking van zonlicht en de seizoenen een gunstige invloed op de rui en de voortplanting. Natuurlijk heeft deze huisvesting ook een paar nadelen. Wanneer we de volière niet overdekken is er de mogelijkheid dar er uitwerpselen van de wilde vogels in de volière terechtkomen. Hierdoor kunnen uw vogels besmet worden met onder meer wormen of een besmettelijke ziekte. Het is dus altijd beter dat we onze buitenvolière overdekken, misschien met een transparant dak, zodat er toch genoeg zonlicht in de volière kan komen. Het beste is natuurlijk ook dat men het dak schuin laat aflopen zodat het regenwater weg kan. Het is ook wel handig dat we onze volière zo hoog mogelijk maken, dat we er kunnen in staan.

 

Het is ook altijd beste dat we onze volière bouwen op een beschutte plaats. Dit wil zeggen dat we deze bouwen op plaatsen waar de wind niet of nauwelijks vrij spel heeft en er zo weinig mogelijk in geregend wordt. Doorgaans blijkt plaatsing op het zuidoosten of zuidwesten de beste oplossing. Indien men een wat schuwere vogelsoorten heeft, dan kan de volière het beste op een rustige plaats staan.

 

Wat ook voor de meeste vogels van noodzaak is, is het plaatsen van een nachthok. Het beste is dat we een deur voorzien naar het nachthok en een deur waardoor we vanuit het nachthok naar de buitenvolière kunnen. Om te voorkomen dat de vogels kunnen ontsnappen is het altijd beter dat we kunnen werken met een sluis. Zo'n sluis zorgt ervoor dat de vogels langs u heen naar buiten kunnen vliegen.

 

De materialen waarvan we onze volièren maken, is afhankelijk van welke vogelsoorten we willen houden. Het spreekt natuurlijk vanzelf als we een volière met vurehout en dubbeltjes gaas maken dat dit een redelijk mooi verblijf is voor kleine prachtvinken. Natuurlijk is dit materiaal dan weer niet goed voor parkieten en papegaaien. Voor deze vogels is het beter om een stevig houten frame te maken en in plaats van gaas kunnen we stevige gepuntlaste en gegalvaniseerde panelen gebruiken. Natuurlijk moeten we het hout waar ze aan kunnen met hun bek, beschermen met metalen strippen of hoeken. Wat men ook altijd kan doen is de volière volledig in het ijzer maken. De maaswijdte van het gaas of de panelen moeten aangepast zijn aan de grootte van de vogels die we willen houden. Hierbij moeten we ook even nadenken dat de jongen kleiner zijn dan de ouders en er dus moeten voor zorgen dat ook deze niet door het gaas kunnen. Natuurlijk is het beter dat we onze houten framen op een gemetselde, stenen ondergrond bouwen. We kunnen het hout ook gewoon op de grond plaatsen, maar er is wel een grote kans dat deze dan gaan rotten. Het is natuurlijk niet altijd even praktisch om een stuk frame in de bodem te veranderen als deze rot is. Als onze volière klaar is, moeten we altijd eerst nog eens rondlopen en goed nakijken. Zo moeten we ervoor zorgen dat we de scherpe kantjes wegvijlen of afgedekt is, ruw hout opschuren om ervoor te zorgen dat de vogels zich er niet kunnen aan verwonden. Lak de houten delen af met een verantwoorde beits of verf die ongevaarlijk is voor de vogels.

  • Nachthok:

Een nachthok kan men bouwen in steen, maar ook in hout, mits dit van goede kwaliteit is. Als we een nachthok maken moeten we er ook voor zorgen dat het tochtvrij is en er mogen dus ook geen garen of kieren in zitten. Er zijn bepaalde vogels die graag in hun slaapnestje overnachten. Hiervoor is het natuurlijk ook belangrijk dat we in ons nachthok als in onze buitenvolière verschillende gesloten en halfopen broedblokken hangen. Het voordeel van overnachting in een broedblok is dat deze vogel beschermd is tegen de vrieskou en andere weersomstandigheden. Wat ook nog tot de uitrusting van een nachtverblijf behoren zijn zitstokken, liefst van verschillende dikten, zodat de vogels kunnen kiezen. Het is natuurlijk ook belangrijk dat we onze bodem bedekken met een laag bodembedekking, zodat de uitwerpselen niet direct op onze ondergrond terecht komt. Om het de vogels gemakkelijker te maken om het binnenhok in en uit te vliegen, maken we de opening naar buiten op de juiste hoogte en zorgen we ervoor dat er een plateau bevestigd is waar de vogels op kunnen landen. Het is ook altijd aan te raden dat de doorvliegopening kan worden afgesloten.

  • Beplanting:

Beplanting in de volière is niet alleen mooi en natuurlijk, maar ze bieden ook schuil- en nestelgelegenheden voor de bewoners van de volière. Natuurlijk zijn er vogels die zich graag in het groen verschuilen, maar er zijn er ook die graag de vrije ruimten opzoeken. Het is dan ook belangrijk dat we de struikjes, klimop en andere planten dusdanig plaatsen dat de vogels over de hele lengte van de volière kunnen vliegen. In de praktijk wil dit zeggen dat we grotere struiken en planten tegen de achterzijde planten. Kleine, breed uitwaaierende struiken kunnen we het beste in het midden planten en klimplanten zouden eigenlijk in geen enkele volière mogen ontbreken. Met klimplanten kunnen we schaduw creëren in ons vogelverblijf. Niet in iedere volière zijn planten op hun plaats. Zo zijn papegaaien en parkieten erg vernielzuchtig en daarom zijn planten niet aan hun besteed. Zij klimmen echter wel erg graag en een flinke, maar kale klimboom is in dit geval wel aan te raden. Ook al beplanten we onze volière, moeten we ervoor zorgen dat er nog altijd genoeg zitstokken zijn voor de vogels. We mogen ook geen te kleine diameter van zitstokken gebruiken, omdat dan bij vorst de teentjes van de vogels niet beschermd worden door hun veren.

Geschikte planten en struiken:

Niet alle planten en struiken zijn geschikt voor een volière. Vele soorten zijn giftig voor de vogels. Goudenregen is hier een goed voorbeeld van. Een aantal geschikte planten en struiken voor de volière zijn:

  • vlier
  • conifeer
  • liguster
  • spar
  • den
  • klimop
  • brem
  • jeneverbes
  • sering
  • roos
  • distel
  • vlinderstruik
  • haagbeuk
  • vuurdoorn
  • Kooien:

Er is een enorme keuze aan kooien. Wanneer men een kooi wilt aanschaffen voor een vogel, moet men er wel op letten dat deze groot genoeg is. Te kleine kooien geven een beperkte bewegingsvrijheid en motiveren de vogel niet om te vliegen of zich te bewegen. Hiervan kunnen een tal van problemen optreden. Bij de aankoop van de kooi mogen we niet alleen naar de grootte van de vogel kijken, maar ook naar de lengte van zijn staart en de spanwijdte van de vleugels. Een vogel zoals de valparkiet is op zich niet zo heel groot, maar zijn lange staart en kuif maken het noodzakelijk een hogere kooi te kopen om beschadigingen te voorkomen. Als we de zitstokken op strategische plaatsen in de kooi aanbrengt, kan de vogel van de ene naar de andere stok vliegen, zodat ze zich in goede conditie kunnen houden. Men kan tegenwoordig ook al zeer goede pvc kooien als houten kooien kopen.

  • Zitstokken:

In iedere kooi horen minimaal twee zitstokken te zitten, maar meer is beter. Het beste is wel dat we geen zitstokken aanbrengen boven een eet-of drinkbakje, omdat er gemakkelijk ontlasting in kan vallen en plaats de stokken om dezelfde reden ook niet boven elkaar. Om de vogel te stimuleren lichaamsbeweging te nemen, kunt u de stokken op dezelfde hoogte, maar ver van elkaar af plaatsen. Dit noodzaakt de vogel de krachtinspanning te leveren om van de ene naar de andere stok te komen en dat komt zijn spijsvertering en algehele conditie ten goede. De diameter van van de zitstokken moeten zijn afgestemd op de grootte van de bewoner(s) van de kooi. De diameter van de zitstokken mogen niet te klein of te groot zijn. Ongeschikte zitstokken kunnen te lange nagels veroorzaken en bovendien kan de vogel door de verkrampte manier waarop hij zich moet vasthouden, pijn krijgen. Het is een goed idee om zitstokken van verschillende dikten aan te brengen. Zo wordt de vogel niet gedwongen zijn pootjes steeds in dezelfde positie te houden. Voor het materiaal van de zitstok kiest men bij voorkeur voor hout. Plastic zitstokken zijn wel goed schoon te maken en hygiënisch, maar ze geven een vogel te weinig grip en de nagels slijten er amper van.

  • Eet- en drinkbakjes:

Het materiaal en de grootte van de eet- en drinkbakjes moeten zijn afgestemd op de bewoners van de kooi. De vogels zoals kanarie, kleine prachtvinken,... kunnen we plastic eetbakjes verschaffen. Deze zijn er in verschillende kleuren, maten en modellen. De bakjes met een "dakje" erboven voorkomen dat de vogel te veel zaad en de hulsjes ervan uit het bakje gooit, zodat ze buiten de kooi terechtkomen. Men moet er wel trachten om bakjes te kopen die afgerond zijn, want anders kunnen ze er zich nog aan verwonden. De plaats waar men de bakjes aanbrengt is ook van belang. Het is altijd beter om ze te plaatsen waar er geen ontlasting van de vogels kan invallen. Als drinkbakjes kunnen voor kooien gebruik maken van drinkfontijntjes die men aan de buitenkant van de kooi bevestigd en voor de volière zijn er grote mijnlampen die men kan opvullen met water.

  • Badjes:

Er zijn kant-en-klaar badhuisjes te koop die men aan de kooi kan bevestigen. Deze zijn ideaal voor kleinere vogels zoals zebravinken en kanarie's, maar grotere en sterkere vogelsoorten kunt u dan beter een andere badgelegenheid bieden. Grotere vogels zoals papegaaien kunnen deze badjes gemakkelijk opzij schuiven of optillen, zodat de vogel uit zijn kooi kan ontsnappen. Voor deze grotere vogels is het misschien beter om een geglazuurde aardewerken schaal aan te bieden om zich te wassen.

  • Plaats van de kooi:

De vogelkooi (van welk materiaal deze ook is gemaakt) hoort nooit in de volle zon te staan, maar ook niet op een donkere plaats. Voldoende licht is noodzakelijk voor het welzijn van de vogel en een ochtendzonnetje is voor de meeste vogels weldadig. De meeste vogels zitten graag op een hoge plaats, zodat ze een overzicht hebben over hun omgeving en ze zich veiliger voelen. Het is dan ook beter om de kooi op een staander te plaatsen of een tafeltje dan vlak boven de grond. Wat we ook best niet doen is de kooi plaatsen waar het tocht of waar het bij geopende deuren en/of ramen kan gaan tochten. Vogels zijn er uitersmate gevoelig voor.