Geuren, geluiden en lichaamstaal:

Chinchilla's produceren geuren met hun geurklier. Die bevindt zich op de buik. Aan de geur herkent een chinchilla niet alleen zijn soortgenoten, maar ook 'wat voor eentje' het er is. Vriend of vijand?

Wanneer u de dieren meer dan een week uit elkaar houdt herkennen ze elkaar niet meer!

Chinchilla's kunnen verschillende geluiden maken, van raspend krijsen en dreigend knorren tot kleine piepjes. In de dagelijkse omgang maken ze zachte contactgeluiden: zo af en toe hoort u ze zacht piepen of knorren. Moeder en kinderen gebruiken deze geluiden onderling ook. Chinchilla's kunnen ook blaffen. Dit is een bijzonder geluid dat veel chinchillahouders verrast. Het geblaf wordt gebruikt bij gevaar. Wanneer er een chinchilla iets ongewoons of dreigends ziet, gaat hij op zijn achterste poten staan en waarschuwt met een hoestend, blaffend geluid de rest van de groep. Dit is een voorkomend fenomeen bij chinchilla's in de natuur. Bij een tamme huiskamerchinchilla zal deze geluiden praktisch bijna nooit voorkomen.

Zindelijkheid:

In principe zijn de meeste knaagdieren van zichzelf zindelijk. Ze houden er niet van hun eigen nest te bevuilen. De dieren doen behoefte meestal in dezelfde hoek van het verblijf, maar dit is van chinchilla tot chinchilla. Er zijn ook chins die hun behoeft over gans hun verblijf doen.

Tam maken:

Bij het tam maken van chinchilla's kunt u gebruik maken van hun natuurlijke nieuwsgierigheid. Wanneer u uw hand met daarop een lekkernij ( zoals een rozijn, papaya, ...) in de kooi houdt, zal de chinchilla daar vroeg of laat op afkomen. Probeer de chin dan niet meteen op te pakken. Op die manier schaadt u het pasgewonnen vertrouwen. Laat de chinchilla eerst langzaam aan de geur van uw hand wennen, er een rozijntje van afsnoepen en vervolgens op uw hand gaan zitten. De chinchilla zal zijn angst steeds meer overwinnen. Jaag nooit achter de chin aan, daar wordt het alleen maar angstig van.

Tam maken kan soms het nodige geduld vergen. Geef dus niet te snel op als u niet meteen resultaten boekt. Vergeet ook niet wanneer je een chinchilla koopt, dat je terug opnieuw moet beginnen. De chinchilla die je gekocht hebt moet zich dan aanpassen aan zijn nieuwe woons.

Bijten:

Normaal gesproken zullen chinchilla's nooit bijten. Ze proberen echter wel alles te eten. Daarom knabbelen ze zachtjes en voorzichtig aan iets onbekends, om te testen of het eetbaar is. Zo 'proeven' ze soms ook even aan uw hand of vinger. Dit knabbelen doet geen pijn, maar vooral kleine kinderen kunnen ervan schrikken.

Vrij rondlopen:

Waneer chinchilla's eenmaal redelijk tam zijn kunnen ze vrij rondlopen buiten hun verblijf. Voordat u ze loslaat, moet u de kamer wel zorgvuldig inspecteren. Let op kleine gaatjes en holletjes. Chinchilla's trekken zich graag terug in zulke schuilplaatsen en het valt niet mee om ze bijvoorbeeld achter een koelkast vandaan te krijgen. Kijk goed of er geen elektriciteitssnoeren over de grond liggen. Ook die worden getest op eetbaarheid, maar chinchilla's zijn niet bestand tegen 220 volt. Zorg er ook voor de chins niet aan (giftige) kamerplanten kunnen knagen. Men moet ook oppassen voor de houten meubels, want daar zouden ze ook wel eens kunnen aan knagen.

Wanneer chinchilla's helemaal vertrouwd zijn met de omgeving waarin ze vrij rond mogen lopen, kan het lastig zijn om ze weer te vangen. Het spreekt vanzelf dat u bij loslopende chinchilla's goed moet op opletten op andere huisgenoten als hond, kat, ...

 

 

GEDRAG

 Terug / Home

Chinchilla's spreken geen taal zoals de mensen. Hoewel ze niet kunnen praten, kunnen ze wel met elkaar communiceren. Ze drukken  hun gevoelens en bedoelingen uit met allerlei nonverbale middelen.